Ommuurd


Het is 9 januari 1990. Vanuit het donker van het metrostation betreedt Thomas de smalle trap omhoog. Als hij omhoog kijkt ziet hij het felle licht vanaf de straatkant op de bovenste traptreden schijnen. Het geeft nog weinig prijs van wat zich daarboven bevindt. Met ingehouden adem beklimt hij de laatste trede en neemt de stap naar het trottoir. Daar blijft hij even staan, trekt zijn regenjas dichter tegen zich aan en vouwt zijn armen over elkaar. Zijn ogen scannen behoedzaam de straat. Langzaam laat hij zijn ingehouden adem ontsnappen. Een gevoel van warmte vult zijn lichaam. Tien jaar later en alles is er nog. De straat is zo breed als in zijn herinnering en reikt zo ver als in zijn dromen. Als twee zorgzame grote broers bewaken de twee voormalige wachttorens de entree. Elke straatkant één wachttoren aan kop. Hun beton draagt nog steeds de beeltenis van de man die zijn naam aan de straat gaf, Karl Marx.

Thomas laat zijn blik de entree passeren en volgt de brede trottoirs, tot ze verdwijnen aan de horizon. Met een diepe teug ademt hij in. Met ferme pas start hij zijn wandeling. Hij weet wat er zal komen. Hij kent de gebouwen. De kolossale straatkanten zijn grijs en van steen, onderbroken door statige portiekdeuren, soms zo hoog als bomen. Daarboven een matrix van kleine ramen, tot precies acht verdiepingen hoog. Symmetrie, dat is waar Thomas van is gaan houden. De duidelijkheid, het weten wat er zou komen.

Na enkele honderden meters geven beide straatkanten ruimte aan de Strausberger Platz. De brede trottoirs omcirkelen de fontein, waar opspringend water langs vaste routes naar beneden wordt teruggeleid naar de ronde vijver. Herinneringen die zorgvuldig leken opgeborgen ontspringen in Thomas’ hoofd. Hij houdt zijn pas in en richt zijn blik omhoog. Als een haag buigt het grijze beton zich over hem heen. Hoe kon hij dit zijn vergeten? De schaduwzijde van de duidelijkheid, de symmetrie, de zorgzaamheid. Hij herinnert zich zijn vlucht. Een vlucht naar onduidelijkheid, naar asymmetrie, en naar vrijheid. Een vlucht over de muur, zonder terugkeer, tot vandaag.

Hij kijkt om. De twee grote broers staren hem vanaf veilige hoogte na. Veertig jaar lang waren zij ooggetuigen van het regime. Unheimisch is het juiste woord voor zijn gevoel. Even had hij zich weer thuis gewaand. Hij slaat zijn ogen neer en verstopt zich in zijn jas.

  • Facebook - Grey Circle
  • Twitter - Grey Circle
  • LinkedIn - Grey Circle
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now