Ik loop dus ik denk

“Om een ander te kunnen verslaan, zul je eerst van jezelf moeten winnen.” Oké, deze woorden trokken me. Ik ben namelijk geen toonbeeld van mentale weerbaarheid. Of beter gezegd: ik ben mentaal overactief. Ik denk graag. Over het waarom, over de aanleiding, over kruisverbanden, over het geheel. Een goede eigenschap als je wetenschapper bent, alleen tijdens het hardlopen een no-go.

Ik kan inmiddels een lijstje wedstrijden opnoemen die ik zonder mijn op hol geslagen hersenen tot een succes had kunnen maken. In plaats daarvan vielen twee van de drie halve marathons in het water. In het water van de zeeën van tijd die ik had. Door te veel gedenk.

Gelukkig ben ik niet de enige. Jackie Reardon, voormalig proftennisster en tenniscoach, vertelt erover in het hardloopblad Losse Veter: “In het heetst van de strijd kook je nu eenmaal snel over. Gedachten spoken door je hoofd en emoties krijgen de overhand.” Kijk, zij snapt wat ik doormaak. Overkoken is het. Terugdenken aan je trainingsarbeid (“Trainde ik niet te hard?”); aan vorige wedstrijden (“Vorige keer ging het ook al slecht.”); aan je tegenstanders (“Die heeft een rare techniek.”) en toeschouwers (“Verdwijn!”). Dus, zegt Reardon, moet je tijdens het hardlopen anders gaan nadenken. Actiedenken in plaats van verhaaldenken. Geen analyses loslaten op je gedane trainingsarbeid, je niet laten afleiden door meneer Flapvoet die achter je loopt en al helemaal niet door ma Flodder die langs de kant een sigaar opsteekt. Denk gewoon niet na tijdens de wedstrijd.

In de kantlijn van het artikel zoek ik naar the cure, naar concrete tips om te gaan actiedenken. Behalve de kernwoorden “nu, waarnemen, focus, loslaten, investeren en acceptatie” kom ik vooralsnog niet verder.

En toch snap ik het. Er waren momenten dat ik het actiedenken nodig had tijdens mijn werk. Werkgerelateerde prestaties vragen om dezelfde focus op het hier en nu. Tijdens het geven van een presentatie bijvoorbeeld. Of in mijn geval: het verdedigen van mijn proefschrift. Ik herinner me dat ik, terwijl ik op het podium stond, heel even dacht: “Kijk mij hier nu staan! Kijk mijn vader en moeder eens op de eerste rij zitten! Als ze maar niks vragen over kosteneffectiviteit!” Meteen realiseerde ik me dat als ik zo door zou gaan, dit me zou gaan tegenwerken. Ik moest terug naar dát moment, het hier en nu, me richten op de opponent met wie ik in gesprek was. Ad-hoc, presteren. Nu. En dat lukte.

Kappen dus met die helikopter-view, met die meta-analyse. Tijdens het hardlopen gaat het je niet helpen. Het stoppen van gedachtenkronkels is alleen niet makkelijk. Want wat doe je op zo’n moment? Hoe zorg je voor de ideale wedstrijdcocoon, leeg genoeg voor een mooie eindtijd, vol genoeg voor een goede wedstrijd-focus? Ik ben inmiddels een ervaringsdeskundige. En bij gebrek aan tips van Jackie wil ik daar best een boekje over opendoen.

Verleg je focus. Naar muziek luisteren ligt voor de hand, maar er zijn ook andere manieren. Zo ben ik tijdens een wedstrijd de tafels gaan opzeggen. Het foutloos repeteren van de tafel van zeven weerhield me ervan om te gaan doemdenken. Best nog lastig trouwens en minder geschikt voor de lange afstanden. En misschien ook een tikkeltje saai, maar gezellig hoeft het natuurlijk niet te worden tijdens een topprestatie.

Een andere truc: nergens aan denken. De moeilijkste, want kan dat eigenlijk wel? Op het moment dat je voorneemt om nergens aan te denken, denk je feitelijk al ergens aan: aan het nergens aan denken. Vorige week werd ik tijdens een baantraining uitgedaagd tot een maximale inspanning: loop vierhonderd meter op de toppen van je kunnen. Doodgaan dus. Niet mijn kwaliteit. Ik startte veel te snel, dácht ik. Ik liep achter een kopgroep die ik eigenlijk niet bij zou moeten kunnen houden met mijn niveau, dácht ik. En ja, er liep iemand vlak achter me. Zie je, te hard gestart! Dácht ik. Stop. Ik dacht teveel na, analyseerde teveel. Ik moest gewoon lopen. Lópen. En toen gebeurde het. Ik liep mezelf heerlijk stuk. De meneer in mijn slipstream verloor terrein. En ik vloog over het tartan.

Ik pretendeer nu trouwens niet dat ik de wijsheid in pacht heb. Het is net als het hebben van een lopersknie. Die blijft na herstel gevoelig voor overbelasting. En zo blijf ik gevoelig voor mentale overbelasting. En zoekend naar creatieve oplossingen. Het luisterboek staat al een tijdje genomineerd. Wordt vervolgd. Ziet u mij in de tussentijd met een frons op mijn voorhoofd rondlopen? Foute boel. Of een slechte kennis van de tafels. Zo’n makkelijke sport, dat hardlopen.

  • Facebook - Grey Circle
  • Twitter - Grey Circle
  • LinkedIn - Grey Circle
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now