Dompelen


Voor alles is een eerste keer. En zo gingen de beer en ik zwemmen. Babyzwemmen. Haal dat zwemmen er maar vanaf, want daar heeft het weinig mee te maken. Nu verwacht ik natuurlijk niet dat mijn baby meteen baantjes trekt in het wedstrijdbad, maar mijn verwachtingen moesten aardig worden bijgesteld, die eerste keer dat we gingen.

Die eerste keer vond plaats op een – ja, daar gaan we al – bungalowpark. Krijg een kind en je zult terugkomen op al die goede voornemens. Zoals ‘ik ga niet ineens mijn vakantie vieren in een park met huisjes’. Acht weken na de geboorte van de beer zaten we in een ‘huisje’. En we gingen zwemmen. De beer in de wagen, een volgepakte rugzak en wij – vader en moeder – natuurlijk ook in badkleding gehesen. Die hadden we al aangetrokken, want in ons nieuwe leven hadden we geleerd: efficiëntie is het halve werk.

Doemscenario’s hadden zich in mijn hoofd afgespeeld. Al wandelend zou ik uitglijden. In dat geval zou ik de beer opzij werpen in de richting van het water. Met die aangeboren zwemreflex zou hij vast niet zinken toch? Een rooskleurig scenario had ik niet kunnen bedenken. En dat terwijl we alle reden hadden om vol vertrouwen te water te treden. Wat kon ons nu gebeuren?

De moeder-kind kleedkamer kon ons gebeuren. Krijg een kind, en je zult erachter komen hoe ongeëmancipeerd onze samenleving eigenlijk is. Een luier verschonen, langs het consultatiebureau en ja, ook naar het zwembad is klaarblijkelijk nog steeds een echt moeder-kind ding. Dat vader in ons geval over een partij geduld beschikt, in tegenstelling tot ondergetekende, wordt even vergeten. Dus daar stond ik, tussen de volleerde moeders, die tijdens de uitkleedprocedure ook nog gezellig communiceerden met hun baby’s.

Terwijl ik de beer in een zwemluier hees met op de voorkant de bekende clownsvis, gaf ik hem een knipoog. Er kon ons niks gebeuren. Althans, niks méér dan dat er al was misgegaan. Ik droeg namelijk een badpak. Krijg een kind en je eigen uiterlijk raakt onderschikt aan die van je afstammeling. Als een ware Inge de Bruijn betrad ik het bad, met in mijn armen mijn grote vriend. Op zoek naar vader. Die lag al in het water en had al wat foto’s van ons gemaakt. Fijn. Het was vastgelegd. Heelhuids bereikten we het water, zonder werp- en zwemreflexen, en we dompelden maar liefst tien minuten. Er werd gehuild noch gelachen. In plaats daarvan trok de beer zijn mond in een streep, vastbesloten om daar geen water in te laten komen. Daarboven twee ogen zo groot als knikkers. Twee blauwe kalebassen. Zijn trillende onderlip was de cue. Het was genoeg. In omgekeerde volgorde werkten we alle uit- en aankleedprocedures weer af, waarna hij een fles leegdronk en een gat in de dag sliep. Babyzwemmen: check.

  • Facebook - Grey Circle
  • Twitter - Grey Circle
  • LinkedIn - Grey Circle
This site was designed with the
.com
website builder. Create your website today.
Start Now